Josevanrosmalen.nl

De heilige Stones, 1971

 

Begin jaren zeventig bezocht ik twee keer een cisterciënzerklooster, om daar intensief te studeren.  

 

De kamers in het gastenverblijf waren klein en sober. Ook het eten straalde eenvoud uit. Het was vegetarisch.  Als man mocht ik ook in het klooster zelf komen; aan vrouwen was alleen het gastenverblijf en een bezoek aan de kerk voorbehouden. De gastenbroeder was al in de zeventig, maar dat zag je hem niet aan. Hij kon met iedereen opschieten en vertelde graag over het kloosterleven.

 

 

De eerste keer dat ik er was lag er een dik pak sneeuw. Daardoor leek het er extra stil, zo ver van de snelweg. Enkele keren at ik in de refter van de abdij, bij de monniken. Daar werd onderling niet gesproken, maar er werd wel tijdens de maaltijd voorgelezen. In de kapel werden van 's morgens vroeg tot 's avonds diensten gehouden. Van de Korte Metten tot en met de Dagsluiting, alles volgens een strak patroon. Ik dacht aan de seminarietijd van mijn vader en de invloed die zo'n strakke dagindeling had.

 

De oudste monnik was 98. Zo te zien was hij niet meer bij de les. Hij liep midden tijdens misdiensten weg. Niemand nam hem dat kwalijk.