dicteewedstrijd

Ik deed weer eens mee aan een dicteewedstrijd. De voormalige rector begon met de eerste zin.

‘De allitererende epigoon van aftandse retoriek gedroeg zich nochtans als een factotum van quasigeleerdheid.’

Ik begon te pennen en schreef:

‘De al liter erende epigoon van aftanse rethoriek gedroeg zich nogtans als een vaktotem van quasi-geleerdheid.’

Bij de laatste zin was mijn arm lam van het schrijven. Een zangeres vulde de pauze om de juryleden de gelegenheid te geven onze wrochtsels na te kijken.

Ik dacht het er behoorlijk van te hebben afgebracht. Zevenenveertig fouten deze keer. Wat denken ze wel bij die dicteefabriek! Ze miskennen mijn taalgevoel door al die respectloze instinkertjes . Of toch instinkerdjes?

Ach, het is maar een spelletje hoor.