De macht van het woord

 

In 1965, dus behoorlijk lang geleden ging ik voor het eerst zonder mijn ouders op vakantie, naar Engeland.  Ik reisde met een klasgenoot. Ik was toen net achttien en vond het een spannend avontuur. We gingen naar Londen en omgeving. We sliepen in jeugdherbergen. Af en toe liftten we een stukje. Het was de perfecte gelegenheid om mijn schoolengels voor het eerst  in de praktijk te brengen. Overal hoorde je toen de nieuwe hit van de Beatles, ‘Help’! In die jeugdherbergen sprak ik met allerlei mensen, van doorgewinterde trekkers tot scholieren zoals ik zelf.

 Ik herinner me een gesprek met een Engels echtpaar met twee opgroeiende kinderen. Zij gingen later die zomer naar Nederland. Ze vroegen mij of ik dingen wist die interessant zouden zijn om in Nederland te bezoeken. Ik noemde zo wat plaatsen waarvan ik dacht dat ze wel in de smaak vielen, Volendam, Giethoorn, Delft. Ik was toen nog nooit in een van die plaatsen geweest, dus zei ik eigenlijk maar wat. Een maand later, toen ik al lang weer bij moeder thuis zat, kreeg ik een kaart uit Engeland met een uitgebreid bedankje voor de ‘geweldige’ tips. Ze waren in Delft, Giethoorn en Volendam geweest en het was een ‘wonderful trip’.  Ik herinner me dat die kaart mijn ijdelheid streelde, maar ik realiseerde me toen ook dat wat je zegt invloed kan hebben. Die mensen dachten natuurlijk dat zo’n Nederlandse jongen  wel zal weten wat er in Nederland de moeite waard is om te bekijken.

Je zou kunnen zeggen dat ik toen de macht van het woord ontdekte. Een bekende Rotterdamse kreet luidt  ‘geen woorden maar daden’; die kreet suggereert dat het vooral gaat om de dingen die je doet, niet  om de dingen die je zegt. Toch doen de dingen die je zegt er ook toe. Woorden kunnen helend werken, woorden kunnen kwetsend zijn, woorden kunnen je meer inzicht geven of juist in verwarring brengen.  Je kunt van harte instemmen  met wat iemand zegt of zijn of haar uitspraken verafschuwen. Woorden zijn het belangrijkste communicatiemiddel van mensen. Daarom mag je ook niet iemand het recht ontnemen om te spreken. Wanneer iemand met verkeerde bedoelingen iets zegt, bijvoorbeeld om mensen om de tuin te leiden,  mag je wel argwanend zijn. Kritische zin over wat mensen zeggen is altijd verstandig. Zo had die Engelse familie niet klakkeloos moeten aannemen dat die jongen uit Nederland zijn land echt wel zo goed kende .

Gelukkig is dit maar een onschuldig voorbeeld van de macht van het woord. Er zijn natuurlijk ook echte demagogen die mensen dingen willen laten geloven, waar je op zijn minst vraagtekens bij kunt zetten.  Bijvoorbeeld als zijn of haar uitspraken ten koste gaan van mensen of groepen mensen. Die uitspraken lijken dan soms redelijk te klinken, waardoor het lastig is om tegengas te geven.  Vaak zijn mensen in eerste instantie dan goedgelovig, maar denken ze later toch, kloppen die woorden wel? Als je bij jezelf die twijfel bespeurt, kun je die maar het beste serieus nemen. Valse profeten hebben dan eerder het nakijken.

 

© José van Rosmalen 2012