Een plakje

Ik was zes en kon net een beetje lezen. Mijn moeder vroeg me een paar boodschappen te doen. Ik liep de vijftig meter naar de kruidenier op de hoek van ons pleintje.

Mevrouw de Groot sneed van een stuk kaas zeven plakken en legde deze op de weegschaal. Ik keek er aandachtig naar. Er stond ‘balans’ op. Precies één ons.
Ik keek ondertussen begerig naar de worst, maar ik kende de favoriete uitdrukking van de kruidenier:‘ kinderen die vragen worden overgeslagen.’

Na het betalen met een papieren rijksdaalder kwam het verlossende woord: ‘Jij lust zeker wel een plakje?’
‘Ja, graag mevrouw.’
Dat heette ‘met twee woorden’ spreken!
De opvoedkundige lessen uit het verleden zingen nog altijd rond in mijn hoofd!

 

José van Rosmalen, 2015