Josevanrosmalen.nl

Onder de nonnen ( 1952)

 

Ik was vier en ging naar de kleuterschool, toen nog de bewaarschool genoemd. Mijn eerste juffrouw heette Isabelle, ik vond de naam mooi en de juffrouw aardig. Ik leerde mozaïekjes leggen, knippen en plakken. De kleuterschool lag in het oude Orthen, tegen den Bosch aan, bij het klooster, voor mij aan de andere kant van de rijksweg. In het begin bracht en haalde mijn moeder mij. Later liep ik met grotere schoolkinderen mee. Een meisje gaf mij kauwgom en zei dat je doodging van kauwgom doorslikken; ik slikte door om te kijken wat doodgaan was.

Ik was een beweeglijk kind en kon goed springen. Dat is mij bijgebleven, omdat ik het later niet meer zou kunnen. Toen ik vier was sprong ik het hoogste van de klas. Misschien maak ik het mooier dan het was, maar ik liep in ieder geval niet achter bij andere kinderen.

Mijn moeder viel in als leerkracht, op verzoek van de pastoor. Hij was voorzitter van het schoolbestuur en had kennelijk veel te vertellen over het personeelsbeleid. Ik bleef over op het schippersinternaat in het klooster, dat dicht bij de Maas lag. Op een middag liep ik van de ene kant naar de andere kant van de eetzaal. Een meisje kwam met een dienblad met kopjes en liep daarmee van een kast naar d