Vasalis, Vergezichten en gezichten

39352645. sy475

 

Vasalis publiceerde in 1954 haar derde en meest omvangrijke bundel met 58 gedichten. Dit is meer dan de helft van haar totale oeuvre, dat dus beperkt in omvang is. Toch hoort ze tot de belangrijkste Nederlandse dichters van de twintigste eeuw en werd haar werk in 1982 bekroond met de P.C. Hooftprijs.
De bundel bevat onder meer het gedicht ‘Sotto voce’, waarvan de eerste strofe vaak is geciteerd in rouwadvertenties.

Zoveel soorten van verdriet,
ik noem ze niet
Maar een, het afstand doen en scheiden.
En niet het snijden doet zo’n pijn,
maar het afgesneden zijn.

Dit gedicht en diverse andere in de bundel, gaat over rouw en verdriet. Een thema is ook de levenscyclus van geboren worden tot sterven, zoals in het prachtige gedicht ‘De oude mannen’ die oude kinderen waren geworden op weg naar huis, maar waar geen moeder wacht. Ze benoemt daarbij ook haar eigen verdriet ‘van tranen die binnen mijn ogen bleven’.

Vier gedichten in de bundel hebben de aanhef van een brief, zoals het eerste gedicht uit de bundel,
‘ Aan een boom in het Vondelpark’. In het gedicht ‘Aan het vers’ gaat Vasalis in op haar worsteling met het schrijven van gedichten. Het gaat om een wankel evenwicht.

Aan het vers

Tussen waanzin en bezonnenheid
waakzaam en ook verloren,
ondragelijke weelde en armoedigheid,
moet ik u toebehoren.

Soms sta ik in dit evenwicht
als een pijl trillende opgericht,
dan is het als in sommige dromen,
dat men schreeuwen moet, maar geen geluid wil
komen.

Misschien verklaart dit gedicht wel dat Vasalis niet meer geschreven heeft. Ze legde de lat voor zichzelf hoog. Wat ze schreef en publiceerde hoort wel tot de poëtische parels van de Nederlandse literatuur.

 

Zie ook: https://www.goodreads.com/book/show/39352645-vergezichten-en-gezichten