Gerrit Komrij, Heremijntijd, exercities en ketelmuziek

 

Je leest Komrij niet alleen om wat hij schrijft, maar vooral ook om hoe hij schrijft. In de jaren zeventig en tachtig was hij vooral een vlijmscherpe polemist, die zich er in verlustigde om de spot te drijven met zichzelf hoogachtende vertegenoordigers van cultuur en wetenschap. In het boek Heremijntijd, exercities en ketelmuziek, drijft Komrij de spot met architecten, met feministen, met proza en poezie. Hij durft ook schrijvers met een grote reputatie aan te pakken, zoals Hugo Claus, Jan Wolkers en Harry Mulisch, door stukjes van hun teksten te fileren. In 'hoe ik speelde en werd genezen' laat Komrij meer van zichzelf zien, zonder het masker van de polemist. Als jongetje was hij fanatiek in het doen van spelletjes en wilde hij altijd winnen. Hij werd driftig als het niet lukte. Hij wilde geen spelletjes meer doen, maar het schrijven werd zijn spel. Ooit was ik bij een lezing van Doeschka Meijsing. Zij benadrukte toen de speelsheid van Komrij achter het uiterlijk van venijn. Bij een man als W.F. Hermans was die speelsheid er niet, bij hem was het bloedige ernst.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.